Rapport Bureau Berenschot

Bureau Berenschot heeft onderzocht welke mogelijkheden er zijn om samen met de Provincie Utrecht en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) gezamenlijke ambities te realiseren voor onze inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties.

Samenwerkingsmogelijkheden tussen Rijk, Provincie en Vijfheerenlanden in kaart gebracht

De gemeente Vijfheerenlanden heeft Bureau Berenschot laten onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om samen met de Provincie Utrecht en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) gezamenlijke ambities te realiseren voor onze inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Aanleiding hiervoor was het feit dat de gemeente financieel onder druk staat en daardoor niet alle ambities kan realiseren. Het onderzoek heeft een overzicht opgeleverd met kansrijke zoekrichtingen. Met name op het gebied van ‘Wonen’, ‘Natuur, recreatie en toerisme’ en ‘Ontwikkeling bedrijventerreinen, vakonderwijs en arbeidsmarkt’ zijn goede samenwerkingsmogelijkheden.

Waardevolle contacten

“We hebben de afgelopen periode veelvuldig overleg gevoerd met de Provincie Utrecht en met het ministerie van BZK om te kijken welke gezamenlijke belangen we hebben en waar we kunnen samenwerken”, licht burgemeester Sjors Fröhlich toe. “Er zijn waardevolle contacten tussen onze organisatie en het Rijk en de Provincie tot stand gekomen, die ons nu en in de toekomst kunnen helpen bij het realiseren van onze plannen.” 

Gemeenteraad aan zet

Voor de plannen daadwerkelijk uitgewerkt kunnen worden, is de gemeenteraad aan zet. Deze spreekt zich op 13 juli uit over de Kadernota. Dan wordt duidelijk waarin de gemeenteraad wél en niet wil investeren. Het rapport van Berenschot is voor de gemeenteraad van Vijfheerenlanden, naast de Kadernota, een extra hulpmiddel om richting te geven aan het beleid. “We hebben gezamenlijk met het Rijk en de Provincie een verkenning gedaan naar de mogelijkheden”, zegt Fröhlich. “We hebben nu een mooi overzicht van wat zou kunnen, maar na de raadsvergadering kunnen we in overleg met samenwerkingspartners de vertaalslag gaan maken naar concrete projecten.”